Kansengelijkheid en Onderwijsondersteuning

In de brief van Arie Slob, d.d. 23 juni jl. kwam duidelijk voor het voetlicht dat het onderwijs voor begaafde leerlingen, net als voor andere leerlingen, toegankelijk dient te zijn zonder afhankelijk te zijn van ouderbijdragen. Scholen en samenwerkingsverbanden voorzien gezamenlijk in een passend aanbod voor elke leerling, inclusief begaafde leerlingen. Indien aparte voorzieningen of arrangementen nodig zijn om in de ondersteuningsbehoefte van een leerling met kenmerken van begaafdheid te voorzien, dan dient dat te worden geregeld door (het bevoegd gezag van) de eigen school of het samenwerkingsverband.

Scholen mogen ouders om een vrijwillige bijdrage vragen voor extra activiteiten die plaatsvinden buiten het curriculum. Hiermee worden echter niet de activiteiten bedoeld die voorzien in de ondersteuningsbehoefte van (begaafde) leerlingen, of die noodzakelijk zijn om de doorgaande ontwikkeling te kunnen borgen. Wanneer de school of het samenwerkingsverband bepaalt dat de extra activiteiten voorzien in een ondersteuningsbehoefte is dit passend onderwijs. Hierbij is geen sprake van iets extra’s waar ouders voor kunnen kiezen.

Slob benoemt tevens dat passend onderwijs om een dekkend aanbod in de regio vraagt, niet op elke school. Daarbij roept hij scholen en samenwerkingsverbanden op om samen in de regio, ook met gemeenten, te kijken welke mogelijkheden er al zijn om aan te sluiten op behoeften van de diverse groepen begaafde leerlingen. Tot slot merkt Slob in zijn brief op dat hij erop vertrouwt dat scholen en samenwerkingsverbanden met elkaar in gesprek gaan om de ondersteuning aan begaafde leerlingen in te richten zodat deze uit de rijksmiddelen kan worden gefinancierd, zodat het vragen van een ouderbijdrage niet meer aan de orde is.

 Brief over de ouderbijdrage (begaafde) leerlingen